Berenschot brengt structurele bezuinigingen voor gemeente Ede in kaart
Het Gelderse Ede staat voor een grote financiële uitdaging: voor eind 2029 moet de gemeente een structurele bezuiniging van minimaal €20 miljoen hebben gerealiseerd. Adviesbureau Berenschot heeft uitgezocht welke besparingen mogelijk zijn.
Vanaf volgend jaar steekt de Rijksoverheid €2,5 miljard minder in het gemeentefonds. Dat potje is de voornaamste inkomstenbron van gemeenten, die door de bezuinigingen flink in de problemen kunnen komen. Door politici en ambtenaren wordt 2026 dan ook het ravijnjaar genoemd.
Om een pijnlijke val in het ravijn af te wenden, zocht Ede medio 2024 contact met Berenschot. Afgelopen maand presenteerde het adviesbureau zijn bevindingen aan de Gelderse gemeente.
Beïnvloedbaarheid
Omdat een gemeente in ons land per wet verplicht is tot het uitvoeren van een aantal taken, kan niet zomaar op alles wordt bezuinigd. Uit de analyse van Berenschot blijkt dat 12% van de begroting van 2025 beïnvloedbaar is. Dat komt neer op €55 miljoen. Van dat bedrag kan €48 miljoen structureel worden bezuinigd en €7 miljoen incidenteel.

In de daaropvolgende jaren neemt de beïnvloedbaarheid van de begroting licht toe. Volgens het adviesbureau gaat het in 2028 om een structurele speelruimte van €62 miljoen – dat stemt overeen met 14% van de totale begroting (€464 miljoen).
Acht bestedingsdomeinen
De begroting van de gemeente Ede gaat (grofweg) op aan acht verschillende domeinen. In relatieve termen valt het meest winst te behalen bij de begroting voor maatschappelijke voorzieningen: op 33% van dit budget kan worden bezuinigd.
Onder maatschappelijke voorzieningen vallen onder andere sportfaciliteiten. Ede subsidieert verschillende zwembaden met in totaal €1,5 miljoen. Dat budget is beïnvloedbaar, maar aanpassingen kennen mogelijk negatieve maatschappelijke consequenties, aldus het adviesbureau.
Zo zouden de entreeprijzen kunnen worden verhoogd, maar dat maakt de zwembaden ontoegankelijker voor mensen met een kleinere beurs. Ook zou kunnen worden gesneden in de personeelskosten van de voorzieningen, maar dat heeft eveneens een keerzijde.
In absolute termen is het meeste geld beschikbaar binnen het individuele ondersteuningsdomein. Ede kan vanaf 2026 kiezen voor een structurele bezuiniging van €2,6 miljoen op de maatwerkvoorzieningen van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Bij jeugdhulp is ook veel beïnvloedbare ruimte. Berenschot heeft het over een gemiddelde besparing van €1,5 miljoen. Het adviesbureau benadrukt echter dat maatregelen binnen het individuele ondersteuningsdomein heel wat nadelige maatschappelijke gevolgen kunnen hebben.
En hoe nu verder?
In een brief aan de gemeenteraad van Ede meldt het college van B&W dat het onderzoek van Berenschot vele inzichten biedt voor de ontwikkeling van financieel beleid. De komende tijd gaat het college deze verder uitwerken. Dat gebeurt in samenspraak met de raad.
De brief geeft een doorkijk in bezuinigingen die waarschijnlijk niet en mogelijk wel kunnen worden doorgevoerd. Op een deel van het Wmo-budget kan bijvoorbeeld niet tot nauwelijks worden bespaard, net als op de essentiële functies van de jeugdondersteuning, schrijft het college.
Op andere vlakken ziet het college wel mogelijkheden. Zo zouden de bouw van een nieuw zwembad en een nieuwe turnhal kunnen worden stopgezet. Ook is het – in theorie – mogelijk om bepaalde culturele subsidies te versoberen, meent het college.
Volgens de huidige planning komt er rond de zomer meer duidelijkheid over het definitieve bezuinigingsbeleid. Het college geeft in de brief aan bij het maken van de besparingsplannen voldoende rekening te houden met de leefbaarheid van Ede.
